Vercors, Frankrijk 2017 - 7 dagen
We stayed in this diverse wilderness world for 7 full days. Carrying everything in our backpacks, except drinking water. Water is sparse, there are a some springs but they do not always flow. It is surprising to find a remote area like this in France because it is a busy and full country. But the high plain is not very easy to reach, and staying up there for multiple days requires an efford, especially if you camp. So it feels pretty remote. There is a lot of wildlife up there, vultures, marmots, capricorn and even 2 packs of wolves. We lost track of the planning after 2 days and just wandered criss cross through the area from spring to spring, camping in the wild. No phone, no internet, no towns, no traffic and no money. Just nature and us.
Dag 0
Chatillon-en-Diois
Morgen starten we onze trektocht over de hoogvlakte van de Vercors. En nu zit in op dezelfde plek als die dag 0 van 16 jaar geleden. Die tocht die achteraf zoveel in gang zette. Het plateau doemt voor me op, waar ik me destijds nogal zorgen over maakte. En terecht, bleek achteraf, want op dag 1 blies ik mijn knie op en heb toen een week lang nogal nogal geleden, maar ook diepe ervaringen opgedaan. Nu is het anders. Ik ben geen 34 meer maar 50, de oudere Nico. Al zal ik voor de toekomstig 66 jarige Nico nog een jonge man lijken. Want ook morgen hijs ik weer mijn rugzak op mijn schouders en vertrek voor een week de wildernis in. Maar minder zwaar nu. We beginnen nu boven Col du Rousset, vanwaar het maar 2 a 3 uur naar Pre Peyret is. En ook de rest van de tocht is niet heel zwaar. De uitdaging in het weer, er lag vanmorgen sneeuw bij het startpunt en vanaf daar is het nog een paar honderd meter omhoog. Het zou weer wat warmer moeten worden nu. Gisteren was het beneden 30 graden, vannacht vroor het boven, de komende week zouden we volgens de veurspelling tussen de 5 en 10 graden moeten krijgen. Goed om te lopen, fris om te kamperen. Gek genoeg zal dan wat moeilijker zijn omdat de tocht minder zwaar is. We zullen daarom relatief veel tijd rustend moeten doorbrengen. Ik ben niet gespannen, zoals ik voor zwaardere tochten altijd wel ben. Ik me alleen wel af hoeveel bevrediging een minder zware tocht zal brengen. Het primitieve is een soort aanvulling als je diep, maar is dat ook zo als je niet moe wordt? Of geven de kortere dagen juist meer ruimte om toch meer te genieten van de wildernis? Meer het gevoel van landen en 'zijn' in plaats ven de continue beweging door het landschap? Het is ook geen Onbekend gebied, het wordt mijn 5e keer op het plateau. En geen onbekende nieuwe ervaring na al die tientallen trekkings. Wat zal het me nog brengen? Ergens vrees ik de eindigheid van mijn hikersleven, hoeveel komen er nog? Is dit een van de laatsten? Ach, zo moet ik niet denken. Ik vreesde 16 jaar geleden ook al dat het de laatste zou zijn en uiteindelijk heb it dat zelf in de hand, grotendeels.
Dag 1
Pre-Peyret
"Digitaal vasten" noemden we het gisteren, toen ik trots zei dat ik mijn mobiel al 24 uur uit had staan en al anderhalve dag offline was. Zo kon ik vast wennen aan een week geen bereik, en geen mogelijkheid tot opladen. Mijn telefoon bevat de kaart en de route, maar ik kan hem dus maar sporadisch gebruiken. De belangrijkste navigatie is mijn GPS, die een week op volle batterijen wel moet redden. En waren de batterijen niet zo ongeveer vol? En had ik niet nog een setje reservebatterijen in mijn rugzak? Nee dus, gelijk bij vertrek constateerde ik dat de batterijen zo goed als leeg waren en dat de reservebatterijen nog thuis lagen. Toen ik dat tegen mijn digitale camera zei reageerde die met 'change battery', what the fuck? Dus plan B, de eeuwige backup bij hiken, kaart en kompas. Ik draag geen horloge en nu al mijn digitale apparatskis vakantie namen had ik ook geen manier meer om te tijd te meten. Alleen door af en toe een blik op de zon en de maansikkel te werpen, die 15 graden per uur langs de hemel schuiven en naar de horizon bewogen. Maar de route was niet lang, en ik maakte me niet ongerust.
Zo gauw we boven de boomgrens stegen werden we begroet door een bekend uitzicht. Het hoge plateau van de Vercors, met aan de overkant de hoogste berg met zijn besneeuwde kop in de wolken. Mijn oude vriend Grand Veymont. 16 jaar geleden stond ik op de top, maar dat ben ik ditmaal niet van plan. Gelukkig was de route niet zo lang, 3 uur lopen, want de rugzak was zwaar en ik ben die volle bepakking niet meer gewend na een lange winter met te weinig training. Maar als het goed is went het de komende dagen. De hut is helaas bezet door 6 pubers, dat is meestal zo bij Pre-Peyret. Net iets te makkelijk bereikbaar. Maar we zetten onze tent gewoon een eindje van de hut vandaan. Echt ver weg mag niet, maar ik weet niet eens helemaal zeker over het uberhaubt mag, want bij de randen van het park staan borden 'verboden te kamperen'. Maar ik meen me te herinneren dat er onderscheid gemaakt wordt tussen 'kamperen' en 'bivakeren'. En nacht in de buurt van een hut bivakeren mag volgens mij wel.
18:00 (volgens mijn e-reader), Pre-Peyret
Na een uurtje lunchen en luieren in een dalletje uit de koude wind heb ik de tent opgezet. En dan verandert er iets wezenlijks. Opeens is er dan een shelter, een hol, een veilige vertrouwde plek. Het tentje is klein en weegt 3 kilo, maar voor hiking begrippen is de Hilleberg Nallo-3-GT een luxe raspaard. Een 3 persoons binnentent en ruime voortent voor de rugzakken en als leefruimte. Toen de slaapmatten, slaapzakken en de rest van onze uitrusting in de vertrouwde hoeken en gaten lagen waren we opeens 'thuis'. De hut stroomde nog voller en we zagen andere rugzakkers verlangend naar ons ruimte prive-verblijf kijken. Iets verderop is inmiddels nog een tentje verschenen, dat zijn de andere geluksvogels.
Dag 2
Pre-Peyret
Het was een lange frisse nacht. Niet echt kou lijden, maar toch een beetje vechten tegen een oncomfortabele kilte. Dat kwam ook door de harde wind die wat van de isolatiewarmte van de binnentent wegblies. We werden om 8:30 wakker, de klok ruimschoots rond geslapen.
Het was droog en zonnig, dus we konden rustig ontbijten en opbreken. Daarna zuidwaarts de GR-93 op, richting Chatillon-en-Diois, 22 km verderop. Maar zo ver gaan we niet. Het landschap was heerlijk dennenbos vol bloemenweiden. Krokussen, orchideeen en velden vol zeldzame gentiaanklokjes. Dikke geelbruine bergmarmotten keken ons na of gingen gewoon door met het graven van hun hol. Eerder hadden we al herten, een vos en een eekhoorn gezien. Nu zagen we de wroetsporten van wilde zwijnen en toen we het dal achter Pison binnen liepen zweefden er 5 a 6 grote gieren over ons ons heen. Op weg naar de toppen aan de rand, waar we ze 5 jaar geleden deip in de ogen keken tijdens onze 'vision quest' naar deze plek. Hoe laat we vertrokken weet ik niet, maar even na het middaguur stopten we voor een lange pauze. Op iets meer dan een uur van ons eindpunt voor vandaag, schat ik. Het is zonnig en vrij warm, maar voorbij de westrand van het plateau zien we een dik aaneengesloten vegerig wolkendek. Alsof er heel ander weer door de Rhone-vallei raast. Aan de oostkant vingen we al even een glimp op van hoge besneeuwde bergen, de Franse Alpen, de Ecrins. Daar lijkt het weer meer als hier. De rugzakken zijn nog steeds zwaar, nog steeds niet gewend.
15:30, Refuge de Chaumailloux, 1640m.
We hebben de oostrand van het plateau bereikt, met een prachtig uitzicht op de Mont Aiguille. Hier ben ik nog nooit geweest. We kwamen bij de hut in een circus van mensen terecht, een groep van 30 jongeren. Maar op 1 gezin na is iedereen nu weer weg. We zetten straks de tent op in de buurt van de hut. Morgen wordt een beetje spannend. Volgens het oorspronkelijke plan gaan we een ongemarkeerd pad op richting de Grand Veymont en moeten we aan het eind van de etappe dan bij een bron komen, waar we dan wild gaan kamperen. Maar ik heb dat oorspronkelijke plan niet bij me, dat ligt naast de reservebatterijen en het wandelboekje van de Vercors, nog thuis in Apeldoorn. Ik heb alleen mijn oude 1:25000 topografische kaarten waar dat pad niet duidelijk op staat. De bron wel, die heb ik 17 jaar geleden omcirkeld. Er zijn wel ontsnappingsmogelijkheden als we verdwalen. Naar een andere refuge aan de rand, of terug naar Pre-Peyret waar we vanmorgen waren. Ik ga straks nog even een test doen om te kijken of mijn telefoon nog van nut kan zijn morgen. Er is geen bereik en ik weet niet of mijn hiking app wel offline kaarten heeft van dit gebied. Naja, avonduut, en nu.... happy hour!
20:00, Refuge de Chaumailloux, 1640m.
De zon verdwijnt achter de bergen, dus tijd om in de slaapzakken te kruipen. Wat een plek hier, omringt door bos en prachtige uitzichten. En wildlife. Net achter de tent waren een poos 3 marmotten aan het ravotten. En het werd echt spectaculair toen er een grote kudde steenbokken tot op 10 meter van de tent kwamen kijken en grazen. Indrukwekkende dieren, met nog indrukwekkendere hoorns. En dan zijn een stuk of 50 zo dichtbij best wat intimiderend. Maar ze bleven op die net gepaste afstand en wanneer een nieuwsgierig kalf toch dichterbij kwam klonk er een schelle fluit van een volwassen dier. De marmotten achter ons floten terug, mwaar dat was volgens mij gewoon om grappig te doen.
Ik heb mijn telefoon en GPS getest voor morgen. Mijn telefoon heeft offline kaarten, de route aan boord, en hij is nog volledig opgeladen. Daarnaast heb ik nog een volle powerbank en extra accu. Die kan ik in principe dus gewoon gebruiken, helemaal om aan het einde de bron te lokaliseren waar we willen kamperen. Ook mijn GPS heeft de route aan boord en vertelde me nu nog 2 streepjes stroom te hebben. Ook die zou nog wel een paar uur mee moeten kunnen dus. Dus morgen heb ik digitale hulp paraat, mocht het nodig zijn. Ik probeer het eerst gewoon met kaart en kompas. Nu kak ik in, want ik moet wel die 12 uur slaap per nacht halen natuurlijk... zzz
Dag 3
13:00, GR 91
We zijn vannacht niet waar ik vanmorgen dacht dat we zouden zij, ook niet op de route, niet eens op een van de geplande routes. We gingen vol goed moed op weg en kwamen in een stenige woestenij terecht. De gieren cirkelden laag over ons heen en de zon blakerde ons terwijl er een dreigende donkere lucht verscheen. We vonden het pad wel, maar het ging erg langzaam en ik vond het allemaal net iets te riskant zo. Dus we hebben de route omgegooid en zijn doorgestoken richting Pre-Peyret. Het was een opluchting om weer in het bos te zijn. Het eindpunt zelf is net zo onzeker als het oorspronkelijke eindpunt, een bronnetje in het bos waar we in de buurt zullen wild kamperen. Naja, we doen steeds niets anders, alleen is hier geen hut in de buurt. We genieten nu van een lange siesta, op het heetst van de dag. Het is nog ongeveer een uur lopen, als we de afslag naar het ongemarkeerde pad over precies een kilometer niet missen. Het weer verandert inmiddels, het wordt vegerig bewolkt. Ik ben blij dat we de beschutting van het bos opzoeken. Het zou niet mijn eerste stormachtige nacht in mijn tentje in de Vercors zijn.
17:00, Garland
Yes! Water! Helder stromend uit een pijpje en zo drinkbaar zonder zuiveren, wat wij 'limonade' noemen. Naast een vervallen hutje. We zitten nu aan de westgrens van het 'parc', met een mooi uitzicht op de Grand Veymont. Bleh, ik ben flink verbrand vanmorgen. Ik heb gelijk een lang shirt aangetrokken toen ik het zag, maar toen was het al te laat.
Het plan voor morgen is nu natuurlijk ook veranderd, maar als het goed is zijn we morgenavond toch bij de bron van Jasse du Play. Bekend terrein, daar ben ik op alle vorige Vercors hikes ook geweest, dus geen onzekerheid of ik daar water kan vinden. We beginnen wel met een vrij spannende doorsteek terug naar de GR. Een paar km over een vrij onvindbaar paadje volgens een Franse collega rugzakker die ons de weg naar Pre Peyret vroeg. Maar de richting is duidelijk, pal oost richting de Grand Veymont. En hoe verkeerd we ook lopen, na een paar km kruisen we de GR 91 die we dan naar het noorden moeten volgen. Qua navigatie in ieder geval een peulenschil. Het weer is nog steeds goed, zonnig met sluierbewolking en een graad of 15 schat ik. Vrij warm om te hiken. Het voelt alsof we al heel lang 'boven' zijn. Het eind van 'dag 3' is meestal het punt van 'aankomst'. Dag 3 kan zwaar zijn, de man-met-de-hamer-dag, en daarna is je lichaam gewend aan de rugzak en je geest aan de kwetsbaarheid, wat dan als 'onafhankelijkheid' begint te voelen. Zelf na 60 tochten voelt dat nog zo, al zijn de extremen wat minder, ook omdat het wat minder zwaar is dan eerdere tochten... goddank. Het voelt hier al met al erg veilig. We zien aardiag wat wildlife, maar er zijn geen beren of elanden. De paden zijn goed en de bronnen zijn vindbaar. En uiteindelijk zijn we nooit verder dan 1 a 2 uur van de volgende bron. We hebben wel allebei het acute besef van hoe belangrijk simpel drinkwater is. Daar valt of staat alles mee. En natuurlijk of er nog whisky in het flesje zit, want geen hiking zonder... happy hour!
Dag 4
Als een plek beslapen is dan voelt het thuis, zoals de tent ook altijd thuis voelt. Ontwaken in de natuur is daarom een genot, als het weer en de omstandigheden een beetje meewerken. We ontwaakten in onze beschermende kuil in het open dennenbos, waar we de tent hebben opgezet. Met helder stromend water binnen handbereik. Een genot dus.
Ik besloot om de doorsteek te wagen die ons over een klein paadje tot vlakbij de GR 91 zou brengen. De laatste paar honderd meter moest dan door een padloos landschap. Het werkte uitstekend en anderhalf uur na vertrek stonden we op de GR 91. Wat eigenlijk net zo'n klein paadje is, maar wat in mijn hoofd was gezwollen tot een wandelsnelweg. Het was inmiddels warm en drukkend, het zweet gutste, ook omdat ik lange mouwen droeg om mijn verbrandde arm wat te ontzien. Ingeborg probeerde te verwoorden hoe het voeldem het zwoegen met zware rugzakken na 3 dagen. "Het doet pijn, maar het geeft steeds minder dat het pijn doet. Je lichaam went wat, de rugzak wordt ietsje lichter, maar het is vooral de geest die zich lijkt aan te passen aan de zwaardere omstandigheden. Je wordt 'tougher'". We vroegen ons af in hoeverre leeftijd nou echt een rol speelt. Toen ik jonger was maakte ik zwaardere tochten, maar toen had ik ook meer blessures, blaren, koppijn en uitputting. Eigenlijk denk ik dat ik nog hetzelfde kan, maar dan wel weer met hetzelfde pijnlijke resultaat. Rustiger aan doen lijkt meer mentaal te zijn dan fysiek.
Ze hebben de route van de GR 91 wat verlegd. Ik bereidde me voor op een bos doorsteek naar de bron, omdat we anders eerst helemaal via de Jasse du Play refuge zouden moeten. Maar tot mijn aangename verrassing loopt de GR nu via de bron naar de refuge, dus opeens waren we bij de bron. We hebben een late lunch gedaan, en daarna hebben we ons wilde bivak van 5 jaar geleden teruggezocht in het bos. Apart hoe 'landschappelijk' het geheugen werkt. We zijn op weer een heerlijke plek in het bos gaan staan. Vol bloemen en vogels, beschut tegen de harde wind. Misschien dat we hier wel gewoon 2 nachten blijven. Nog maar even zien wat we morgen gaan doen.
Dag 5
Slecht geslapen vanwege de keiharde wind. Maar het klink dreigender dan het was, we staan goed beschut zolang de wind niet uit het noordoosten komt. We horen soms 'others', wandelaars die water gaan halen bij de bron, het geluid draagt hier ver, vooral met de wind mee. We zijn dus zo stil mogelijk, we fluisteren de hele tijd. Behalve het moment dat Ingeborg haar fruitkeks gaat eten... 'KRAAK KRAAK KRAAK!'. We laten de tent hier staan vandaag, basecamp, en we gaan lichtbepakt een dagwandeling maken. Maar eerst koffie en expeditie-ontbijt.
En daarna op expeditie, naar een hut en een bron verder naar het noorden langs de GR 91. Gewoon om te kijken hoe het daar is, want de tent blijft staan, goed verstopt. Zo goed dat we de route naar de tent als een 'songline' hebben gememoriseerd vanaf de Jasse du Play refuge.
Om bij die andere hut te komen moesten we het pad verlaten en door een dal lopen. Nergens een aanwijzing dat er een hut was, alleen af en toe een steenmannetje. We vonden het hutje, Tiolache du Millieu. Piepklein met een houten stapelbed, tafel, bankje, kastje. Geen ramen en heerlijk koel tijdens het bloedhete middaguur. En schitterend gelegen in een col waar je zowel de ruige pieken van de weterdand als de groene verten van de oostrant kan zien. Misschien wel het leukste retraite-plekje dat we kunnen bedenken. De bron was nog 600m verder het dal in. Na een korte steile afdaling kwamen we bij een idyllisch veldje met lichtgroene lijsterbes en beuk, tussen de donkere dennen. Er stond een kleine ruine en een klein 'well house'. Ingeborg zei dat het net de bron van Brighid leek. Iets verderop leek een soort stenen altaar te staan en toen ik ernaar keek vloog er een gigantische adelaar op en verdween over de heuvels, wauw! Het voelde als een mystieke plek, maar de bron was droog. Mystiek gezien kan je daar van alles bij bedenken, en dat deden we ook, maar als hiker gaf het ook bevestiging van onze kwetsbaarheid in de wildernis. Als je na een lange zware dag je rugzak afdoet en er op had gerekend dat je hier kostbaar water kon vinden dan ben je de lul. Het volgende water is anderhalf uur zwoegen verderop, namelijk waar wij bivakeren. Gelukkig hadden we genoeg water bij ons voor deze dagtrip.
Het is al een paar dagen behoorlijk warm, en volgens de weersvoorspelling die Ingeborg met haar mobieltje uit de lucht snaaide bij een pas blijft dat ook zo. Tot aan dag 7, dan gaat het onweren en regenen volgens de voorspelling. Dat is ook de dag dat wij terugkeren naar de auto, dus we zullen vast vroeg vertrekken en snel lopen. Maar voorlopig hebben we nog 2 nachten hier boven en vooral dit bivak bij Jasse du Play is een soort paradijs. Omgeven door vogels, alleen die koekkoek mag nu wel eens even zijn snavel houden, want die gaat door van 5:00 tot 21:00, how desperate can you be?
Ik heb inmiddels wel wat richting gekregen voor mijn veranderende werksituatie, waar ik nog wel eens gestress van kan raken. Uit de vorige reien/hikes/quests kwam iets als 'omarm verandering'. Dat heb ik gedaan, en dat werkt inderdaad. Ik zit minder vast en ontdek meer flexibiliteit in me dan ik dacht. Tijdens deze tocht had ik die flexibiliteit nodig, want op dag 3 veranderde ons plan. Ik vind dat helemaal niet moelijk, ik gooi het roer moeiteloos om. Ik heb dan wel graag een alternatief doel, maar dat hoeft niet erg ambitieus te zijn. Het gaat vooral om een leuke ervaring, een leuk bivak, wat wildlife, en gewoon 'zijn'. Het 'leeftijd-dingetje' is niet relevant. Ook het idee van 'nog kunnen meekomen' is een non-issue. Ik creeer mijn eigen plan en heb ervaring en zelfvertrouwen genoeg om in te kunnen schatten wat ik wel en niet moet doen. Als hiker is dit allemaal zo duidelijk, vooral na 'dag 4', en ergens geldt dit voor mijn werk ook. Willen ze me laten veranderen? Ander team? ander project? andere software? andere technieken? uit mijn 'comfort zone'? Prima, kom maar op, ik merk dat ik daar niet ongelukkiger van wordt. Ik vrees het soms, en ik ben erg gevoelig voor stress, onrecht en ellenbogenwerk. Maar ik merk ook dat ik de veranderingen best prettig vind. Alleen oppassen dat ik me niet teveel laat opjagen, want dat doet Hanno ook, aan wie ik enorm loyaal ben. Maar mijn 'ik ga ten onder met Hanno' houding heeft er ook wel toe geleid dat hij me vorig jaar de ALTA-reddingsboei heeft toegeworpen die me op dat punt van positieve verandering heeft gebracht. Vasthouden dat gevoel van 'embrace change', vol zelfvertrouwen. In mijn werk, in mijn leven en tijdens hikes.
Dag 6
Dat was weer een vrij ruige nacht, de wind beukte. Inmiddels heb ik in de loop der jaren 6 nachten bij Jasse du Play doorgebracht. Twee keer tussen de ratten in het hutje, en 4x wildkamperend. En al die 4x waren ruige stormnachten. Blijkbaar is dat op deze plek het vaste patroon, vanwege de bergkam en de pas een kilometer verder. Maar de tent hield het prima, nog geen haring los. Ik heb nog wel redelijk geslapen, maar ik heb de afgelopen week ook zoveel geslapen dat ik sowieso erg uitgerust ben en een nacht met lichte slaap geen probleem vind. We waren vrij vroeg op, want vandaag is de langste loopdag van de tocht. Al stelt dat eigenlijk ook niks voor, 12 km met weinig hoogteverschil. Vooral warm in de felle zon. Bij de bron pikte Ingeborg nog wel even de weersverswachting uit de lucht, het onweer komt een dag later en ook onze laatste dag zal het fantastisch weer zijn. Wat een timing weer, als je beenkt dat het tijdens onze verkenning op dag 0 nog sneeuwde. Ingeborg hoorde nog een interessant feit van een stel hikers bij de bron. Er zitten hier wolven! Er zijn blijkbaar 2 roedels uitgezet, wauw! Helaas geen wolven gezien of gehoord. Nog wel een vrij grote gems die zojuist voor ons op het pad sprong. En edelhert, vos marmot, steenbok, gier en adelaar. Maar we kwamen ook tot de conclusie dat de wereld stiekum is overgenomen door mieren.
17:00, Pre-Peyret
Het is vandaag hemelvaart, een christelijke feestdag, en alle Fransen zijn op bedevaart naar Pre-Peyret. We zijn de mensen een beetje ontwend en bij de bron waren er wel een stuk of 10 bij elkaar. Allemaal schone dagwandelaars en we vroegen ons af hoe wij eruit zien, en vooral ruiken, na bijna een week wildernis zonder douche. We hebben ons maar verstopt in het bos met ons bivakje, en gelijk kwamen er 2 jonge nieuwsgierige steenbokken neuzen. Ik heb eerst maar eens een kop koffie gemaakt om aan te komen. Daarna ben ik de lege flessen gaan vullen bij de bron tussen de gezellig kakelende fransosen. We hebben allebei een fles water gebruikt om te 'douchen' en hebben ons bivak ingericht net achter het bord 'verboden te kamperen'. Maar ach, we kamperen ook niet, we 'bivakeren', en dat is ook in het frans een ander woord.
Het voelt wel als afsluiting nu. Ons laatste bivak, het laatste happy hour is aangebroken. En bijna alles is nu ook op. Het lekkers is allemaal op, de whisky ook bijna. We hebben nog wel 2 warme maaltijden, maar die komen me zo de strot uit dat we als diner de laatste fruitkeks gaan eten. Zoveel energie heb ik ook niet meer nodig voor de laatste korte etappe naar de auto morgen. Elk bivak heeft wel zijn eigen uitdaging, en hier zijn het de vliegen. Naja, als het daar bij blijft ben ik tevreden. Tevreden ben ik sowieso. Zo'n tocht is altijd weer een uitdaging, je moet altijd een hobbel over om je met een loodzware rugzak het ongewisse in te storten. Altijd weer. En soms lukt het niet, dan glij je terug die hobbel af. Ik kan me geen voorbeelden herinneren dat het niet eens lukte om te beginnen, maar wel tochten die we na een paar dagen moesten staken. Vanwege blessures, weer of andere omstandigheden. Maar het is wel vaak mijn angst, dat ik die hobbel te hoog ga vinden, en dan niet meer die bijzondere wereld vol ervaringen achter die hobbel kan bereiken. Maar de lessen uit de laatste paar hikes zijn dat dat door flexibliteit en veranderingen gewoon mogelijk blijft. En de les van deze hike is dat er gewoon weer een volgende komt. En dat die wereld achter die hobbel inderdaad bestaat en belangrijk is voor ons beiden. Vanmiddag vroeg ik Ingeborg of de rugzak lichter voelde, of haar lijf pijn deed, en hoe ze zich voelde. Hetzelfde als ik, de rugzak lijkt stukken lichter, het lijf voelt sterk en pijnloos, en we zijn vol zelfvertrouwen. De rugzakken zijn inderdaad wat lichter, maar het effect is vooral mentaal. Ik heb in totaal misschien 2 kilo aan voorraad opgebruikt, maar dan moet mijn rugzak nog steeds rond de 20 kilo zijn. Maar zo voelt het niet. We zwoegen nog steeds, maar dat doen we elke dag, en we weten dat we steeds weer snel herstellen. Eigenlijk is alle pijn en vermoeidheid binnen een uur weer vergeten. En dals dat elke dag zo gaat dan werkt dat door als zelfvertrouwen. Niet alleen in je eigen kunnen, maar ook in je vermogen om op deze amnier in de natuur te verblijven. Een week lang rondzwerven zonder dat we anders nodig hebben dan water, omdat we al het andere in onze rugzakken hebben, dat blijft gewoon geweldig
Dag 7
Touchdown. Tjemig wat was het druk bij Pre-Peyret. De hut moet barstensvol zijn geweest, en her en der zagen we tentjes. Eigenlijk vond ik het wel best, de eerste stap naar de afdaling van de bovenwereld terug naar de middenwereld. We kwamen op weg naar de parkeerplaats bij Montagne Beurre steeds meer mensen tegen. Steeds schoner, lichter bepakt, uit de toon. Mijn opluchting was desalnietemin groot toen we het geruge koele loofbos binnen liepen en een kwartier later bij de, nu volle, parkeerplaats kwamen. De auto stond er nog, en hij startte! Terug in de middenwereld. Wat een herrie, wat een drukte. Al dat verkeer en het constante gedreun van machines en motoren, tjemig. En internet, facebook, whatsapp, telefoon. Een vloek en een zegen.